Pedagogisch beleidsplan

1. Inleiding

De opvang van de groep kinderen van 0 t/m 12 jaar( 1 groep 0 t/m 12 met een max van 16 kinderen en een groep van 2 t/m 12 jaar met een maximum van 14 kinderen) in Westerbroek gebeurde voor de opening van KC Westerbroek door gastouders, of door verschillende kinderdagverblijven in Hoogezand. Ouders vinden het belangrijk dat de kinderen in hun eigen dorp worden opgevangen, in hun eigen vertrouwde omgeving, en met hun eigen vertrouwde buurtgenootjes. OBS De Janligthartschool heeft ons benaderd of er een mogelijk is om de voorschoolse opvang, een peuterspeelzaal, en eventueel de naschoolse zodanig te organiseren zodat de kinderen in de buurt van school kunnen blijven. Daarom zijn wij een kindcentrum gestart in de Jan Ligthartschool, in het lokaal van de voormalige peuterspeelzaal. Naast dit pedagogische beleidsplan is er ook nog een Beleidsplan Veiligheid en Gezondheid. Beide plannen zullen we inclusief de verschillende protocollen ook publiceren in Portabase. Portabase is ons online administratie en informatiesysteem voor zowel medewerkers als de ouders. Dank zij Portabase kunnen we iedereen tijdig infomeren.

2. Harmonisatiewet kinderopvang

In 2018 worden de eisen die gesteld worden aan een peuterspeelzaal gelijkgesteld aan die van een kindcentrum, de Harmonisatiewet. Vandaar dat wij ook een vergunning voor een kindcentrum aanvragen. Het pedagogisch beleidsplan is opgesteld voor pedagogisch medewerk(st)ers en biedt houvast bij hun dagelijkse omgang met kinderen. Zo nodig kunnen medewerk(st)ers worden aangesproken op hun handelen. Ook informeert het de ouders van kinderen die het Kindcentrum bezoeken, of gaan bezoeken, over onze werkwijze en de omgang met de kinderen. Andere betrokkenen (bijvoorbeeld de gemeente, GGD) kunnen inzicht krijgen in onze pedagogische werkwijze. Een veilige en stimulerende omgeving is een voorwaarde voor een gezonde en goede ontwikkeling van het kind. De inbreng van zowel het kind als de pedagogisch medewerkers staan hierbij centraal. Bij KC Westerbroek vinden we het van belang dat er uit een kind een mens groeit, dat eerlijk is en respect toont voor zichzelf, voor de ander en zijn omgeving. Het kindcentrum biedt opvang aan kinderen van 0 t/m 12 jaar en is gevestigd in de Jan Ligthartschool aan de Oudeweg 74 te Westerbroek. Bij KC Westerbroek werken we met een verticale groep. Dit houdt in dat kinderen van verschillende leeftijden bij elkaar zijn. De vier pedagogische opvoedingsdoelen die in de Wet kinderopvang genoemd worden, zijn uitgangspunt bij het opstellen van dit pedagogisch beleidsplan. In bijlage 2 staan regels geformuleerd hoe we met elkaar omgaan.

3 2.1 De vier pedagogische basisdoelen zijn:

A. het aanbieden van een gevoel van emotionele veiligheid

B. het bieden van gelegenheid tot het ontwikkelen van persoonlijke competentie

C. het bieden van gelegenheid tot het ontwikkelen van sociale competentie

D. het bieden van de kans om zich waarden en normen eigen te maken

A. Emotionele veiligheid :Wij zorgen ervoor dat het kind zich veilig kan voelen, wij vinden het belangrijk dat het kind het naar zijn zin heeft en dat het zich prettig voelt. Dit is ook een voorwaarde voor het kind om zich verder te kunnen ontwikkelen. We geven de kinderen een gevoel van emotionele veiligheid door duidelijk te zijn in wat wel en niet kan. Als pedagogisch medewerk(st)er zijn we consequent en voorspelbaar in onze reacties. Er is veel structuur, de drie ouderwetse R-ren staan bij ons hoog in het vaandel. Rust Reinheid Regelmaat, en als vierde R hebben wij Respect, wederzijds respect wel te verstaan. We behandelen elkaar zoals we zelf ook behandeld willen worden. Ieder kind is uniek, en ontwikkelt zich op zijn of haar eigen tempo. Wij doen elkaar geen pijn, ook niet met woorden. Als een kind boos is, dan mag dat. Kinderen mogen hun emoties uiten. Blij zijn is leuk, maar boos en verdrietig horen er ook bij. Als een kind boos of verdrietig is dan gaan we samen even aan de grote tafel zitten en vragen we wat er gebeurd is. Dan proberen we samen een oplossing voor het probleem te zoeken. We erkennen de emotie. Bijvoorbeeld : twee kinderen maken ruzie om dezelfde auto. We bespreken dat met beide kinderen. Martijn: ik begrijp dat je boos bent, jij had de auto eerst, en Niek heeft hem afgepakt. Niek : jij weet dat je geen speelgoed mag afpakken, dus je moet de auto terug geven. Als Martijn klaar is met de auto mag jij er mee spelen, en we hebben voor jou nog wel een andere auto. Wij zeggen nooit : ik vind jou niet leuk! We keuren het kind als persoon niet af, maar spreken hem aan op zijn of haar gedrag. Wij vinden het belangrijk dat er op KC Westerbroek een ongedwongen en vrije sfeer is. Wij zullen zorgvuldig omgaan met de emoties van de kinderen, door begrip te tonen en troost te bieden. Verder zullen wij de scheiding van thuis altijd zo goed mogelijk proberen op te vangen met een afscheidsritueel. Dag mama, even zwaaien voor het raam, en dan lekker spelen. Wij vragen de ouders om mee te werken met het afscheidsritueel. Als de ouders het moeilijk vinden om afscheid te nemen, dan sturen we zodra de tranen voorbij zijn een appje met een foto van het spelende kind. Meestal zijn de tranen voorbij zodra mama de deur uit is. Wij zijn een kleinschalige kinderopvang, met vaste leidsters, en een vaste vrijwilliger. Een kleinschalige opvang in een veilige omgeving, persoonlijk contact en de aanwezigheid van bekende groepsgenootjes dragen bij tot het verkrijgen van een veilig gevoel. De kinderen mogen zelf kiezen wat ze gaan doen en met wie. Wij hebben verschillende afgeschermde speelhoekjes : de autohoek, de bouwhoek, de huishoek, en een (voor) leeshoek. Mobiele telefoons voor de pedagogisch medewerkers zijn alleen toegestaan voor noodgevallen en voor uitstapjes en voor bereikbaarheid voor Nicole. Oudere kinderen mogen met toestemming van hun ouders hun mobiel bij zich houden. Wel bepalen wij bv bij mooi weer dat ze niet op de telefoon mogen en buiten moeten spelen. Sporten, creatief bezig zijn, en Buiten spelen zijn onze activiteiten. Er is een hoge tafel waaraan de kinderen eten en drinken, en waar ze aan kunnen knutselen of spelletjes kunnen doen. Afhankelijk van de groepssamenstelling kunnen activiteiten aangeboden worden. We gaan iedere dag naar buiten! behalve als het heel slecht weer is en niet tijdens de regen. We hebben een eigen schoolplein, en in Westerbroek is een gezamenlijke natuurtuin waar we ook vaak te vinden zijn, de Appelgaard

B. Persoonlijke competentie : Het is belangrijk dat de kinderen de mogelijkheid krijgen persoonlijkheidskenmerken als zelfstandigheid, zelfredzaamheid, zelfvertrouwen, flexibiliteit en creativiteit te ontwikkelen. In principe gebeurt het ontwikkelen van de persoonlijke competentie vanuit het kind zelf, door spel en door het ontdekken van de wereld om zich heen. We vinden het belangrijk kinderen te stimuleren dingen zelf te doen om ze op die manier te laten ervaren dat ze veel dingen al zelf kunnen. Dit geeft het kind zelfvertrouwen en een kans tot verdere ontwikkeling. Kinderen kunnen zelf doen wat ze willen, en ze kunnen zelf het spel- of knutselmateriaal pakken dat ze willen. Door kinderen zelf te laten kiezen hoe zij hun vrije tijd besteden in het Kindcentrum, worden zij geprikkeld zelfstandig initiatieven te nemen. Kinderen die veel eenzijdige keuzes maken, of moeite hebben zelf initiatief te nemen worden daarin begeleid en gestimuleerd door de pedagogisch medewerk(st)er. Kinderen worden betrokken bij de voorbereidingen of het begeleiden van de activiteit. Kinderen worden uitgedaagd om eerst zelf te proberen iets op telossen. Dit kan zowel het uitproberen van een nieuwe vaardigheid als het oplossen van een ruzie zijn. De pedagogisch medewerkster speelt hierbij een ondersteunende rol, door de kinderen aan te moedigen om iets te proberen of handreikingen te geven om een conflict op te lossen. 5 Voorbeeld: Zodra kinderen naar buiten gaan, laten we de kinderen zelf hun jas aantrekken, en zelf hun laarsjes aan doen als we naar de tuin gaan. We nemen de tijd om de kinderen het zelf te laten proberen. Mocht de rits niet lukken na meerdere pogingen, dan helpt de leidster even mee. Maar dan alleen maar het eerste stukje, de rest van de rits doet het kind alsnog zelf. Kinderen moeten ook vragen wanneer ze bijvoorbeeld een spel willen spelen. Ze mogen het zelf pakken uit de kast (na toestemming), en na gebruik ruimen ze ook zelf het spel weer op, en leggen het ook zelf weer in de kast.

C. Sociale competentie: Het omgaan met andere leeftijdsgenootjes is een belangrijke manier om sociale competenties te ontwikkelen. Bijvoorbeeld om zich in een ander te kunnen verplaatsen, kunnen communiceren, het samenwerken, andere helpen, conflicten voorkomen en oplossen en het ontwikkelen van sociale verantwoordelijkheid. De groepssamenstelling wisselt per dag. Alle kinderen spelen bij en met elkaar, zoals dat in een gezin ook het geval is. De grote kinderen houden rekening met de kleine kinderen en de kleine kinderen met de grote. De kleine kinderen leren van de grote kinderen en soms is het ook andersom. De groep brengt een extra dimensie in het aanleren/vergroten van sociale vaardigheden. Kinderen komen met zowel jongere als oudere kinderen in aanraking. Ze leren daarmee aspecten als rekening houden met elkaar, elkaar helpen, luisteren naar elkaar en opkomen voor jezelf. We stimuleren de kinderen zoveel mogelijk zelf te doen. Wanneer ze hulp nodig hebben, kunnen ze elkaar helpen of de pedagogisch medewerk(st)er vragen hen te helpen. We proberen de kinderen zoveel als mogelijk de fatsoensnormen bij te brengen. De pedagogisch medewerk(st)er beloont de kinderen met complimenten. We benaderen alle kinderen positief, met positieve aandacht, liefde en complimenten kom je verder dan met negatieve aandacht.

D. Waarden en normen Kinderen moeten de kans krijgen om zich waarden en normen, de cultuur van de samenleving waarvan zij deel uitmaken, eigen te maken. Het kindcentrum wordt gezien als een aanvulling op de eigen gezinssituatie. Hier kan een kind in aanraking komen met andere aspecten en de diversiteit van onze samenleving. Zoals eerder genoemd bij emotionele veiligheid vinden wij Respect erg belangrijk. Een kind leert respect voor anderen en zijn omgeving te hebben als het zelf met respect behandeld wordt. 6 Doordat de opvang in een groep plaats vindt, is het vormen van ideeën en het hebben van opvattingen en het gedrag af te stemmen op eigen waarden, iets waar kinderen dagelijks mee bezig zijn. Volwassenen spelen in dit proces een belangrijke rol. Dit betekent dat de pedagogische medewerk(st)ers ook met respect met elkaar en met de kinderen omgaan. Hierbij hanteren we beschaafd taalgebruik en houden we ons aan de regels die gezamenlijk afgesproken zijn. Van de kinderen verwachten we ook dat ze zich houden aan de regels, dat ze aardig zijn tegen elkaar en tegen de medewerk(st)ers (niet schelden, slaan enz.). Naast volwassenen spelen ook andere, vaak oudere kinderen een belangrijke rol in het eigen maken van normen en waarden. Kinderen kijken op tegen de grote kinderen. Vinden ze stoer, groot en imiteren hun gedrag al snel. De pedagogisch medewerk(st)er volgt dit proces en maakt de oudere kinderen bewust van de rol die zij spelen voor kleinere kinderen. Zo kan het oudere kind worden aangesproken op het taalgebruik of op het gedrag dat niet geaccepteerd wordt waar kleine kinderen bij zijn. We vragen het kind rekening te houden met het jonge kind, dat nog niet hetzelfde als het oudere kind weet of kan. Naast respect voor anderen vinden wij het belangrijk dat kinderen leren omgaan met materialen en de omgeving (wereld) om ons heen. Van de kinderen wordt verwacht dat ze voorzichtig omgaan met het speelgoed van het Kindcentrum of van de andere kinderen en dat ze met respect omgaan met knutselwerken van andere kinderen. Wij willen kinderen leren met zorg om te gaan met de natuur en het milieu, bv. door geen takken van de bomen te scheuren, en samen voor een schone, opgeruimde leefomgeving te zorgen. Onze voertaal is Nederlands.

2.2 De Basisgroep : KC Westerbroek is een kleinschalig kindcentrum met twee groepen. We mogen maximaal 16 kinderen opvangen van 0 tot 12 jaar op groep 1 en op groep 2 maximaal 14 kinderen van 2 t/m 12 jaar

2.3 Het Kind Volg systeem : zie bijlage 4 In de kinderopvang moet er een systeem aanwezig zijn waarin de ontwikkeling van de kinderen wordt gevolgd en beschreven. Wij vragen uiteraard toestemming aan de ouders voordat we informatie doorspelen aan derden. Bijvoorbeeld wanneer wij het idee hebben dat de spraakontwikkeling achter loopt, dan zullen wij de ouders adviseren om eens contact op te nemen met een logopediste. Wij kunnen ook informatie doorgeven aan de basisschool wanneer het kind ons kindcentrum verlaat, maar ook daarvoor moeten de ouders eerst toestemming geven. Wij zullen wel zeggen dat het in het belang van het kind is dat er een goede overdracht is. Op dit moment gebruiken wij de methode : Kijk op ontwikkeling.